zaterdag 5 augustus 2017

Nach Fahrplan 1990 ....

 
Kruisende treinen in Filisur, v.l.n.r. de treinen 525, 534 en 125/134

Ik probeer in de modeltreinschaal 1:87 het sfeertje van Filisur rond 1990 na te bootsen. Dat betreft niet alleen het zo goed mogelijk nabouwen van de stationsomgeving, maar ook van de treinenloop.
Voor deze zomer ontving ik van een andere liefhebber het originele Grafischer Fahrplan van de RhB uit de periode mei 1989 - juni 1991. Op basis daarvan maakte ik een eigen dienstregeling voor mijn modelbaan. Hierbij nogmaals hartelijk dank aan de gever van het origineel!

 
Het originele Grafischer Fahrplan en een daaruit afgeleide dienstregeling voor mijn baan, hiervan is alleen het "ochtenduur" op de foto zichtbaar.

Mijn modelbaan wordt, net zoals al mijn vorige banen, aangestuurd door het programma Koploper.
Dat besturingsprogramma kan een dienstregeling uitstekend nabootsen. Ik kies in het programma voor vaste treinroutes. De juiste treinen komen dan automatisch op de goede tijd uit de schaduwstations aanrijden. Naar wens is ingrijpen altijd mogelijk. Zo kan ik bijvoorbeeld op het station Filisur alle automatische treinbewegingen, voor elke richting afzonderlijk, tegenhouden met handbediende schakelaars die ook de "Räumungssignale" bedienen. Handmatig rangeren is zo in alle rust mogelijk. Ook kan elke trein "op de hand" van blok naar blok worden gestuurd.

 
Baanschema op het pc-scherm, klik op het plaatje voor een leesbare grootte.
(De stoomloc (107) is hier tijdelijk aan de kant gezet)

Nu werkt Koploper in zijn vaste treinroutes met een tijdsperiode van 60 minuten. Dat is te kort voor alle treinbewegingen op  mijn baan. Ik heb de vaste treinroutes daarom verdeeld in twee periodes van 60 minuten, 1x alle 9 treinen gedurende een ochtenduur en 1x alle 9 treinen weer retour gedurende een middaguur.
In de werkelijkheid rijden niet al deze treinen binnen 1 uur. Ik heb daarom wat moeten schuiven. De mooiste tijd in Filisur in 1990 was rond 10:30 uur. Eerst kwam een "omlaag" rijdende Glacier Express, gevolgd door een "omhoog" rijdende Bernina Express. Ook de GmP met Ge 6/6 I kwam omlaag en hield vaak een lange rangeerstop. Ik heb in mijn dienstregeling het vertrek te Filisur van het treinenpaar 500/501 (Bernina Express) in beide uren op de correcte tijd (.50) gezet en de rest zo goed mogelijk daarop aangepast.

De volgende plaatjes laten de treinenloop in het ochtenduur zien. (Zoals goed te zien is de aankleding van de baan nog lang niet klaar):

 
Glacier Express 909 naar Chur (- Zermatt) met rijtuigen van RhB, FO en BVZ komt binnen op spoor 2 en zal na een korte stop doorrijden richting Alvaneu.
 
 
Daarna komt de "Davoser Pendel" als trein 125 op spoor 4 binnen.
Later, na het passeren van de sneltreinen, keert deze weer als trein 134 naar Davos terug.
 
 
De Bernina Express 501 (naar Tirano) komt, na een kruising met de Glacier Express in Alvaneu, omstreeks 09:47 in Filisur aan. De Bernina Express zal na een stop om 09:50 doorrijden en in Stugl/Stuls de sneltrein 534 kruisen.
 
 
Dan volgt de kruising van sneltreinen. Opvallend is dat "volgens het boekje" in 1990 maar één kruising tussen de reguliere sneltreinen in Filisur plaats vond. De anderen waren in Stugl/Stuls.
In de middag kruist een sneltrein wel de terugkerende Bernina Express in Filisur.
Als eerste komt nu de 525 naar St. Moritz binnen op spoor 2.
 
 
Enkele minuten later volgt de 534 naar Chur op spoor 3.
 
De 525 naar St. Moritz zal direct vertrekken en daarmee ruimte maken voor de in- en uitstappende passagiers van de 534. Na vertrek van de 534 hebben reizigers nog gelegenheid om over de vrijgekomen sporen te lopen naar de stoptrein met bestemming Davos.
(Na 2003 heeft de bouw van moderne perrons en onderdoorgangen deze situatie in Filisur beëindigd. Op sommige kleinere stations is het lopen over de sporen echter nog steeds een dagelijkse praktijk) 
 
 
Hierna komt de in die tijd veel gefotografeerde "Stücker" binnen rijden.
GmP 4538 krijgt op mijn baan 20 tot 30 minuten de tijd om wagens te plaatsen of aan te koppelen. (Ik wacht, en velen met mij, op het juiste model van het groene rijtuig deze trein.)
 
 
Zonder te stoppen passeert een goederentrein, de 5527 Landquart - St. Moritz.
 
 
Een enkele keer laat ik de stoomtrein meerijden. Ik heb deze het nummer 3559 meegegeven.
 
 
Als laatste in de ochtendomloop komt goederentrein 5546 (Pontresina - Landquart) door Filisur.
 
Daarna komen dezelfde treinen in de middagomloop weer terug waarna de 2 uur durende cyclus opnieuw start. Voor de goede orde: alles is op elk moment te onderbreken en later weer te starten. Slechts even de treinen laten rijden is dus geen enkel probleem.
 
Mijn treinnummers in de middagomloop: 904, 500, 165-174, 565, 574, 3562, 4537, 5569 en 5576.
De Glacier Express 904 reed, volgens Fahrplan, in 1990 niet als zelfstandige trein door over de Albulalijn. De rijtuigen werden vanaf Chur aan de reguliere sneltrein meegegeven. Dat kan op mijn baan niet, vanwege de treinlengte. 
GmP 4537 reed, voor zover ik nu kan nagaan, met een Ge 6/6 II.
De echte tegentrein met een Ge 6/6 I was de 4507, maar die reed 's morgens heel vroeg.
Als iemand verbeteringen of aanvullingen weet hoor ik dat graag!
 
Alles rijdt nu goed, na de zomer weer verder met de bouw!
 
Met groet, Jan

zondag 30 juli 2017

Zomerwerk

In het vorige bericht gaf ik aan bezig te zijn met de aanleg van een nieuw verbindingsspoor dat als omloopspoor voor het schaduwstation "Stugl-Stuls" gaat fungeren. Dat zomerwerk doe ik tussen de vakantie uitstapjes door als het wat koeler is op de treinkamer. In de negentiger jaren was ik in de zomervakantie vaak bij het grote voorbeeld in Graubünden te vinden:


Een Regionalzug verlaat Zernez op zijn rit richting Samedan.
Op de achtergrond de bergtoppen Piz Murtera (geheel links) en Piz Linard (rechts).
 
In deze week zijn de nieuwe wissels voorzien van Tortoise wisselaandrijvingen en is ook het verbindingsspoor aangelegd. Na het aansluiten is voorzichtig proefgereden. Het overblijvende keerlusspoor bleek lang genoeg voor de langst mogelijke trein op mijn baan (Loc + 7 rijtuigen). Er zijn verder geen aanpassingen meer noodzakelijk.
 
 
Een sneltrein met extra goederenwagen is gestopt op het keerlusspoor, er blijft nog genoeg ruimte over voor het achterlangs rijden naar de nieuwe verbindingsbaan.
 
 
Voor de aandrijving is geen plek meer onder het wissel. De aandrijving is naast het spoor gemonteerd en zet het wissel om door middel van een extra kunststof profieltje.
 
 
Aan de andere zijde van de nieuwe verbindingsbaan was voor het omzetten van de wissel een langer kunststof profiel nodig. Dat maakt voor de aandrijving niet uit, het wissel wordt keurig omgezet. De tunnelbovenleiding (Mader) is hier nog niet aangepast.
 
Op de laatste foto is ook het dunne hechthout onder de rail te zien (links onder). Hier was een flexibele ondergrond nodig voor het maken van een vloeiende verticale boog. Het verbindingsspoor gaat van een stijgend traject over in een dalend traject. Dat komt doordat het spoor waarop aangesloten is in een stijging ligt naar het hoogste punt van de baan. De omlopende trein stijgt dus eerst een stukje op de verbindingsbaan om vervolgens op de hoofbaan weer af te dalen naar het schaduwstation. Daardoor was deze spooraanleg niet eenvoudig, maar alles rijdt nu naar wens.
 
De volgende uitdaging: Het besturingsprogramma op de computer aanpassen op de nieuwe situatie.......
 
 
Wordt vervolgd, Jan
 



dinsdag 11 juli 2017

Brawa 5531 en een eerste baanwijziging .....

De Brawa 5531

Spoorwegemplacementen werden en worden in Zwitserland verlicht met armaturen op de bovenleidingportalen. Brawa leverde onder nummer 5531 de ronde vorm die lijkt op lampen in Filisur in de negentiger jaren. Alleen de beugel om de lamp is iets anders gevormd.


Een nog oudere vorm in Preda, negentiger jaren.

 
De iets nieuwere vorm in Filisur, eveneens negentiger jaren.

Tegenwoordig staan er rechthoekige armaturen op de portalen die ook in model verkrijgbaar zijn, maar niet passen in het Filisur uit het jaar 1990.

Nu zag ik tot mijn schrik dat Brawa de 5531 niet meer maakt. Geen vraag meer? Of komen er nieuwe met een led lampje? Voor de zekerheid maar op internet gespeurd. Nu nog bij diverse shops leverbaar, maar niet in grote aantallen. Een eBay-shop in zuidwest Duitsland had echter 15 stuks op voorraad en drie dagen later had ik ze in huis.




De eerste grote wijziging.

In de afgelopen weken was het vaak te warm onder het dak van de modelbouwkamer. Maar vandaag waait er letterlijk een frisse wind door het openstaande raampje en er kan weer wat gedaan worden.

Laat ik beginnen met het sporenschema van mijn baan zoals dat op het computerscherm te zien is.  Mijn baan bestaat uit een vereenvoudigd station Filisur en een drietal schaduwstations, voor elke richting één. (Klik op de plaatjes voor een scherper beeld)


Het schaduwstation "Wiesen" kent slechts twee sporen die alleen bedoeld zijn voor treinen die kunnen keren.  De beide anderen, "Alvaneu" en "Stugl-Stuls", hebben elk 4 sporen voor doorgaande treinen. De treinen kunnen terugrijden via een keerlus. Het schaduwstation "Alvaneu" heeft daarnaast een extra rondlopend spoor (36). Dat is ontstaan doordat hier de railbouw begon en ik behoefte had aan een eerste testrondje.

 
Het optimale schaduwstation, spoor 36 krijgt ook nog een parallelspoor.

Dat rondje bleek in de praktijk heel waardevol te zijn. Stel dat alle sporen in het schaduwstation bezet zijn en je wilt toch een trein "van boven" rond laten rijden. Dat kan dan door één van de treinen op 31-34 tijdelijk op 36 neer te zetten. De trein van boven (spoor 11) kan dan, via het vrij gekomen spoor, door het schaduwstation heen en via 35 weer terug naar 11. Ook wordt spoor 36 wel eens gebruikt om een trein tijdelijk uit de dienst te nemen.

Maar er is nog een reden om nu ook voor "Stugl-Stuls" een rondlopend spoor in te bouwen. Ik wil een schoonmaaktrein hebben. Die wordt binnenkort door de firma Lux geleverd. Die trein moet ook alle sporen in het schaduwstation kunnen schoonmaken. Dat kan in "Alvaneu" door vanuit spoor 36 over elk vrij spoor in het schaduwstation rond te rijden. Zo hoeft de schoonmaaktrein niet de hele modelbaan te berijden om telkens één spoor in het schaduwstation te kunnen schoonmaken.
Om diezelfde schoonmaaktrein weg te zetten bouw ik nog een extra spoor 37, parallel aan 36. Dat is op de baan eenvoudig te realiseren.

De aanleg van een zelfde omloopspoor bij het schaduwstation Stugl-Stuls is moeilijk, maar niet onmogelijk. Op de foto's zijn de wissels al ingebouwd. Het bestaande spoor is al weer in gebruik, nog als in de oude situatie. Ik ga nu eerst de nieuwe verbinding verder aanleggen.

 
Zo ziet het er nu uit, wissel 33 is ingebouwd, de verbinding nog niet.
 
 
Aan de andere zijde is wissel 34 ingevoegd, de aandrijvingen komen later.
 
Mogelijk moet ik ook de wisselstraat in het schaduwstation nog aanpassen. Dat is afhankelijk van de lengte van het keerlusspoor na aanleg van de nieuwe wissels. Hierbij nog een plaatje dat een beeld geeft van de beperkte ruimte.


De cijfers duiden op de volgende onderdelen:

1. Keerlusspoor met achterin de nieuwe aansluiting naar de verbindingsbaan.
2. Schaduwstation "Stugl-Stuls".
3. Nieuwe verbindingsbaan (omloopspoor schaduwstation).
4. Traject van schaduwstation naar hoogste punt van de baan.
5. Schaduwstation "Wiesen".


Wordt vervolgd.

zondag 11 juni 2017

Bedoelt u deze?

"Bedoelt u deze?" vroeg de verkoper toen ik informeerde naar een laptop met seriële poort. Hij wees een gebruikte Toshiba met een RS-232 seriële poort aan.

 
De 9-pins RS-232 seriële poort, ook wel COM-poort genoemd.

Sinds januari 2016 werd de modelbaan aangestuurd door het programma Koploper op een laptop zonder seriële poort. De combinatie Koploper en Lenz geeft zonder seriële poort problemen. Op de laptop was daarom software geïnstalleerd voor een virtuele compoort. Zo kon de LAN poort van de nu alleen nog verkrijgbare LAN/USB interface gebruikt kon worden.
Zie ook: Koploper-en-LAN/USB-interface

Dat systeem werkte foutloos maar de software gebruikte veel energie. De processor in de laptop zat bijna op zijn max zodat de ventilator moest overwerken om de zaak koel te houden. Dat was geen fijne situatie. Ik had nog een oude Lenz LI100 interface liggen. Dus ging ik op zoek naar een voordelige computer met seriële poort. Die bevindt zich nu alleen nog maar op de duurdere business laptops. Maar toen ik bij de plaatselijke "Repairhouse" navraag deed lag daar dus een gebruikte Toshiba klaar. Die kon ik niet laten liggen. Daarna toch maar de warme hobbykamer opgezocht en de bestaande laptop en interface ontkoppeld.

 
De RS-232 connector op de Lenz LI100 interface.
Rechts de aansluiting naar de centrale eenheid. 

De Toshiba op de stand energiezuinig gezet, de nieuwste versie van Koploper geladen, de bestaande database overgezet en de modelbaan via de LI100 weer aangesloten. Zonder problemen draait de modelbaan nu via de klassieke COM-poort (Baudrate slechts 9600). Muisstil!

 
Alles werkt weer met vertrouwde techniek, net zo als 25 jaar geleden.

Mijn conclusie:

De beste oplossing voor de combinatie Lenz-Koploper blijft nog steeds de oude interface LI100 (of de iets latere en snellere LI100f) en een computer met seriële poort. De interface is nog steeds tweedehands verkrijgbaar, net zo als een computer met seriële poort.


Nog iets voor wat later:

 
Prima nazorg door de firma Silhouette: Extra blaadjes.

In de afgelopen week kwam het langverwachte extra blad binnen voor de Ahorns. Zie vorig bericht. Dat is werk voor als de temperatuur in de treinkamer weer wat lager is! Ook voor de andere boompjes heb ik een zakje laten komen.

Wordt weer vervolgd, Jan

maandag 27 februari 2017

Miniatuur bomen met MiniNatur (2)


 De "Getränke- u. Warenautomat" is er nog niet, de boompjes al wel!


De boompjes uit het vorige bericht zijn nu allemaal voorzien van loof. Elke boom moet nog wel worden nabehandeld, maar het totaalbeeld wil ik toch al laten zien.

 
Het emplacement op 27 februari 2017.

Door de aanplant ontstaat diepte in het beeld. Ik zou direct al door willen gaan met de overige aankleding, maar alles op zijn tijd.

 
Op deze foto is ook het echte hout van de stationsaanbouw zichtbaar.
(aanklikken voor een grotere weergave)
 
Het MiniNatur loof van de firma Silhouette wordt geleverd als mat:
 
 
Het MiniNatur loof, Ahornlaub (boven) en Buchenlaub.
 
Het Ahornlaub is maar beperkt van blaadjes voorzien. Daar moet later nog wat aan gedaan worden.
De firma Silhouette erkent dit en zendt extra materiaal. Hierover meer in een volgend bericht. 
 
De geknotte boompjes hebben slechts enkele zware takken. Daaruit ontspringen de dunne takjes met loof. Om dat weer te geven heb ik eerst kleine "matjes" op de takken geplakt en daarna zijn de boompjes vol gestoken met afzonderlijk los geknipte takjes met loof. Elke boom zal nu nog letterlijk onder de loep worden genomen. Takjes worden nog op maat geknipt of waar nodig bijgeplakt. Het lijmen gaat met verdunde houtlijm. Daar zie je na droging niets meer van.
 
 
De bomenfabriek: eerst matjes plakken. 

 
Daarna met afzonderlijke takjes opvullen
 
 
Alle boompjes staan nog los en worden later nog bijgewerkt. 

Hiermee nadert bij mij het einde van dit modelbouwseizoen. Nog één keer aandacht voor de boompjes en dan: op naar de boot!

met groet, Jan



woensdag 22 februari 2017

Miniatuur bomen met MiniNatur (1)

 
Het station op 10 februari.
 
Nog een paar weken en dan gaat mijn aandacht weer uit naar de boot. Maar nu moet Neeltje nog even wachten. Het laatste modelbaan project in dit winterseizoen zijn de bomen aan de Bahnhofstraße voor het stationsgebouw. In Filisur zijn dit een lange rij geknotte Lindes en Esdoorns. Door het knotten is een karakteristiek beeld ontstaan wat ook op de modelbaan niet mag ontbreken. Ik zie af van het draaien van bloembindraad en maak de boomgeraamtes van stijf ijzerdraad dat tegen elkaar verlijmd is. Het verlijmen van het ijzer is niet stabiel, maar het hoeft alleen maar te houden tot dat er bast omheen zit. Een eerste opstelling van de metalen boompjes gaf een goed beeld.

 
Metalen boomvormen.

Een tweede stap was het bekleden van het metaal met Plastiform. Dat materiaal, een houtvezel-houtlijm mengsel, is na uitharden zo hard dat de boompjes voldoende stabiliteit krijgen. De boompjes hebben nu nog slechts enkele dikken takken welke later in het loof zullen opgaan. Het witte Plastiform is geschilderd met Vallejo verf. Daarvoor zijn achtereenvolgens de volgende kleuren gebruikt: Basis: 70.872 chocolate braun; Accenten: 70.990 light grey; Wash: 76.519 olive green.

 
De stammetjes zijn van een kleur voorzien.

Ik heb even gedacht om met Zeeschuim de kleinere takjes te maken en dit te bevlokken. Maar een proefpakje loof van MiniNatur gaf een eenvoudiger oplossing. De struktuur van dit loof bevat al de kleine takjes. Door stukjes op de grotere takken te plakken ontstaat een werkelijkheidsgetrouw beeld. Voor een Linde heeft MiniNatur geen loof. Ik heb Buchenlaub gebruikt. De matjes worden tot kleine stukjes geknipt en tegen de takken verlijmd. Daarna kan je naar behoefte het loof met een schaar wat bijknippen of enkele takjes los knippen. Niet te weinig gebruiken en je krijgt een goed gelijkend resultaat. Een proef met nog niet nabewerkt loof op twee boomjes gaf het volgende beeld:



 
Proef geslaagd, ik ga er mee verder!

Hierna is een grotere voorraad loof besteld en heb ik dus voor de komende weken voldoende werk! Ik laat het resultaat hier weer zien.

Met groet, Jan

woensdag 25 januari 2017

Over Woodland rock molds, Plastiform en asfaltverharding

Geen schaatswinter maar wel een schaatsweek. Even minder aandacht voor de modelbaan. In de eerste twee weken van januari is nog wel gewerkt aan de bestrating rond het stationsgebouw. Ook zijn rotsen gemaakt en verwerkt in de helling achter het station. Vandaag een beeldverslag daarvan.

 
Het station op 25 januari 2017

De gesloten verharding (asfaltbeton) rond het stationsgebouw had in werkelijkheid een lichtgrijze kleur. Ik heb van meerdere verfsoorten een staaltje gemaakt en uiteindelijk bleek Humbrol 64 het best de werkelijkheid te benaderen. De verf werd weer met het al bekende minirollertje aangebracht en later licht opgeschuurd met schuurpapier korrel 400.

 
Weer eens vele kleuren grijs:
 
Humbrol 64 - Revell 75 - Heki Beton - Vallejo silver grey
                   Revell 76 - Heki Granit - Vallejo sky grey
                     Revell 43 - Heki Asfalt -  Vallejo light grey

De verhardingen liggen in een dwarshelling van 1 tot 2%. Alleen de verharding die in een langshelling ligt hoeft die dwarshelling niet te hebben. Als het water op de verharding maar weg kan stromen.  De asfaltverharding maak ik van 2 mm grijs karton. De dwarshelling is gerealiseerd door strookjes karton van verschillende dikte onder de verharding te plakken. In de verharding zijn openingen gemaakt waarin later putdeksels gelijmd zijn. (Noch 14218)

Het stationsgebouw blijft altijd afneembaar en past bijna naadloos in de verharding.

 
Verharding uit 2 mm grijs karton

 
Het stationsgebouw blijft uitneembaar!

In de grashelling achter het station Filisur liggen enkele rotsen. Daarnaast is op mijn modelbaan nog een grotere rotspartij noodzakelijk. Achter die rots ligt een keerlus van het omhoog klimmende spoortraject. Ik zal die rotspartij later een beetje moeten wegwerken met bomen.

 
Woodland rock molds.

De rotsen zijn gemaakt met de mallen van Woodland. Het gietmateriaal is modelgips uit een plaatselijke teken-, schilder- en hobbywinkel. Het gips gieten ging vrij makkelijk en het uit de mallen nemen ook. Ik heb het uitgenomen gips een aantal dagen laten liggen alvorens het op kleur te brengen. En daarvoor zijn de volgende kleuren gebruikt:

Secundair: Vallejo 70.875 (beige brown) en 70847 (dark sand), beiden sterk verdund.
Primair: Vallejo Wash 76.515 (light grey)
Wash: Vallejo Wash 76.518 (black)

 
De verf laat details pas goed zien.

De rotsen zijn in de helling gezet en de helling is afgewerkt met Plastiform. Dat is een modelleerpoeder dat, na gemengd met water, heel makkelijk met de vingers aan te brengen is en na 1 dag hard uitdroogt. Het lijkt bij verwerking op brooddeeg, na uitharding is het houtvezel-lijm mengsel goed te bewerken met rasp of schuurpapier. En het belangrijkste: Het is licht van gewicht!

(Plastiform ontdekt in Rail Magazine 337, TT modelbaan "Diespe" van Diederik Speksnijder)

 
Aanwerken met Plastiform.

 
De rots verwerkt in de helling.
 
 
Weer een stukje verder!

 
Wordt vervolgd, Jan.